| |
Ik
ken Zinzy en Zoey van de sportschool waar ze op zaten. Daar gaf
ik les een jaar geleden. Ik merkte het. Ik wist het niet. Opeens
waren ze er niet meer. Ik hou altijd een lijstje bij, van wie er
regelmatig komt en ook wie er langere tijd afwezig is. Het viel
dus op. Zinzy en Zoey komen niet meer. Dan ga je in de les vragen,
heb jij misschien wat gehoord. Toen zei er een meisje: ik weet wat
er is gebeurd, maar ik mag het niet vertellen. Toen heb ik dat een
beetje laten zitten. Aan het eind van de les, heb ik gehoord er
is iets met haar vader. Wat er toen precies gebeurd was, wist ik
niet. Ik wist wel dat er iets ernstigs was. Ik kan het me niet meer
zo goed herinneren. Via kinderen uit de klas kwam ik erachter. De
vader van Z. en Z. is overleden. De eerstvolgende keer dat ze weer
op les kwamen. De nicht van Z. en Z. , Jody Engelsman, die heeft
mij dus verteld dat hij was overleden. Ik heb haar eigenlijk met
rust gelaten. Ik kende haar moeder ook niet zo goed. Alleen van
de les. Als je haar ziet, wens haar het beste. Ik heb geen contact
met de familie opgenomen.
Op een gegeven moment kwamen ze weer naar de les. Ze deden normaal
mee. Ik heb het ook even laten rusten. Tot we een keer naar een
pretpark gingen en toen kwam het een beetje ter sprake is het nu,
hoe gaat het.
Hoe kwam het ter sprake?
We stonden in de rij. We wilden in een achtbaan. We hadden het over:
wat eng, stel dat je eruit valt. Zo kwamen we langzaam aan tot het
onderwerp dood. Ik geloof dat de kleinste zei: misschien ziet pappa
ons. Toen vroeg ik, hoe gaat het nou. Zoey kon er heel goed over
praten. Zinzy die stond erbij. Daar kreeg ik niet zoveel hoogte
van. Zoey vond het wel prettig om erover te praten. Vind je het
lastig als mensen je vragen stellen? Ze vindt het juist heel fijn,
dan kan ik het beter verwerken, dan kan ik er beter mee omgaan.
We hebben er ook met haar nichtje erbij erover gepraat. Toen kwam
naar voren, dat er in korte tijd, meerdere mensen na elkaar waren
gestorven. Over hoe je dat ervaart, dat verlies. We hebben het er
eigenlijk nooit meer over gehad. Zoey is wat geslotener. Ik ken
ze alleen uit de les, natuurlijk. Zinzy is echt een flapuit, die
zegt alles. Vandaag was ze wel heel stil. Ik moet me netjes gedragen.
Ze stond ook achterin. Normaal staat ze voorin. Juffrouw ik weet
het, ik wil het doen! Zinzy is natuurlijk wat jonger. Ze zal er
op haar manier ook moeite mee hebben. Ze is alleen heel anders dan
Zoey. Zoey praat op een andere manier.
Heb je aan de kinderen kunnen zien, dat er iets bij ze veranderd
is.
Bij Zoey wel. Met meerdere kinderen bij elkaar was ze heel rustig.
Meer dan daarvoor, gesloten. Dat kan ook mijn idee zijn
toen
ik het wist, ging ik er op letten. En ook als juf lette ik daarop.
Ik maak nogal veel grapjes met de kinderen, maar ik was heel voorzichtig
met Zoey. Ze was een beetje teruggetrokken. Maar Zinzy niet.
Echt een flapuit, ze zegt alles. Ik ben me niet anders gaan gedragen.
Ik vond, dat ik dat niet moest doen. Zoey gaat met oudere kinderen
om dus ze praat daar op een andere manier over. Ik denk dat ze er
thuis heel goed over praten en dat ze elkaar in de familie goed
opvangen. De band is goed, waardoor ze goed opgevangen zijn. In
tegenstelling tot andere kinderen, die zoiets gebeurde. Of ze kwamen
nooit meer terug, of ze waren erg veranderd. Ik vind van Z en Z
dat het sterke kinderen zijn. Maar, de buitenkant
.
(maakt aanhalingstekengebaar).
Jij bent dansjuf, je geeft les, hebt een showballet. Is er tijd
en ruimte bij jou voor zoiets?
. Ik probeer het altijd wel, al is het heel
moeilijk. Het is maar een uurtje in de week. Met het showballet,
waar Zoey ook in zit, heb ik een veel betere band. Dat is hechter.
En eens in de zoveel tijd ga ik met ze weg. Gaan we iets heel anders
doen dan dansen. Lekker eten, naar een pretpark. Dan wil ik wel
eens ruimte maken voor vragen, als; hoe is het nou. In het showballet,
vraag ik altijd voordat we beginnen, hoe is het met je, zijn er
dingen, die ik moet weten. Dat is in het showballet belangrijk om
te weten, een balletles is heel anders, veel ontspannener. In het
showballet moeten ze presteren. We dansen ook wedstrijden. Ik verwacht
wel dat ze het mij laten weten, als er iets speelt.
Als ze dat niet doen?
Ik kan ze natuurlijk niet dwingen. Als ik iets vermoed, kan ik het
altijd aan iemand vragen die een hechte band heeft met die persoon.
Er zijn altijd "sub-clubjes" binnen een groep. Ik heb
nu een meisje in de groep, daarvan zeg ik, even bellen met de ouders,
vragen of het wel goed gaat. Nogmaals Zoey en Zinzy
..Ik
had niet eens tijd om erachter te komen wat er was met haar. Maar
ik probeerde er wel tijd voor te maken.
Vind je dat het bij je werk hoort?
Wel een beetje. Het hoort sowieso bij mijn werk, om op te merken,
er is iets met dat kind. Je moet er niet te ver ingaan
maar
het heeft toch invloed op het dansen. Dat is als leerkracht wel
een taak. Als een kind duidelijk aangeeft; hou je erbuiten, vind
ik wel dat je daar naar moet luisteren. Ik heb ooit een kindje gehad,
bij wie ik het vermoeden had, dat ze lichamelijk mishandeld werd.
Je ligt te malen. Dat is heel moeilijk
.
Als leerkracht is het moeilijk zoiets naar buiten te brengen. Je
staat voor een klas met vijfentwintig kinderen dat gaat door. Je
stapt er heel snel overheen. In het onderwijs, vind ik wel dat het
je taak is. In hoeverre dat een taak is van een dansdocent
daar
heb ik mijn twijfels over. Ik merk iets, dat heeft invloed op het
dansen. Daar moet ik wat mee doen. In elk geval vragen, hoe voel
je je? Maar of ik daar nou heel erg diep op in moet gaan. Ik weet
niet waar die grens ligt.
Kun je daarover praten met mensen, je collegas. Is daar aandacht
aan besteed binnen je opleiding?
Nee, heel weinig. Er is wel verandering. Het is nu wel dat ze daar
wat aandacht aan besteden. Het is heel eng om kinderen in hokjes
te stoppen, maar er wordt wel aandacht besteed aan wat doe je met
probleemkinderen in de klas. Drukke kinderen, daar zijn bepaalde
methodes voor. Maar er is weinig aandacht voor: wat zit erachter,
wat is er eigenlijk met zon kind aan de hand. Waarom is een
kind zo stil,
.. Daar zou nog wel wat meer aandacht aan besteed
kunnen worden.
Dat is wel iets waar jij erg mee bezig bent. Meer wat zit erachter,
dan wat zie ik op de dansvloer.
Wat je in boekjes of tijdens de opleiding ziet, is hoe moet je een
stil kind weer meekrijgen met de groep. Er ligt nadruk op; hoe zorg
je dat een kind doet wat jij wilt. Er wordt niet gekeken naar, waarom
is een kind dan stil. Wat zou je kunnen doen om zon kind los
te krijgen. Om zodanig op het niveau van het kind te kunnen communiceren
dat je erachter komt. Dat is ook vooral je eigen karakter. Als leerkracht
moet je de kinderen een veilig gevoel geven. Waardoor ze me genoeg
vertrouwen, om mij bepaalde dingen te vertellen. Er zou veel meer
aandacht aan besteed zou kunnen worden. Op basis- of middelbarescholen
kun je wel je collegas benaderen, met de vraag, hoe ga je
met zon kind om.
Zou dansen, met een zwaar woord, ook therapeutisch kunnen werken?
Zeker. Als ik kijk naar Z en Z, waren het hele gesloten kinderen,
toen zij voor het eerst bij mij op les kwamen. Verlegen, ze stonden
helemaal achterin. En als je ze nu ziet
. Ik ken ze nu
twee jaar. Vooral Zinzy, Zoey ook. Zoey zit nu in een showgroep!
Voorheen kwam ze alleen op les, als haar nichtje meekwam. Ik geloof
wel, dat als je iets goed kan, je zelfvertrouwen krijgt. Het maakt
je sterk. Je krijgt een krachtig gevoel. Zul je sneller over je
emoties praten. Ik denk wel dat het therapeutisch werkt. Maar het
hangt van de leerkracht af, de les, de kinderen. Het ligt aan zoveel
dingen
. Als het kind echt moet
.. Of dat een kind uit
zichzelf komt om te dansen. Als kinderen moeten van hun ouders,
die houden het niet lang vol, en elke les hebben ze wat. Als een
kind uit zichzelf wil dansen
dan denk ik dat het wel
therapeutisch werkt.
Terug
naar boven
|
|